HomeBeleggen op maatImpact van de verhoging van de roerende voorheffing

Impact van de verhoging van de roerende voorheffing

Op 1 januari 2016 zijn er tal van nieuwe maatregelen in werking getreden in het kader van de 'tax shift' die werd ingevoerd door de regering. Een van deze maatregelen is een verhoging van de roerende voorheffing. Wat moet u hierover nu weten?

Op 1 januari 2016 is het basistarief van de roerende voorheffing gestegen van 25 naar 27%. Deze verhoging geldt echter niet voor alle categorieën van roerende inkomsten.

Betrokken inkomsten

De verhoging van de roerende voorheffing is van toepassing op de volgende inkomsten:

  • Aandelendividenden;
  • Interesten op obligaties;
  • Interesten op kasbons;
  • Interesten op staatsbons (behalve voor de Leterme-staatsbon, die een verminderde belasting van 15% geniet);
  • Dividenden uitgekeerd door beveks;
  • Dividenden uitgekeerd door vastgoedbeveks; voor deze stijgt het tarief van 15 naar 27%;
  • Meerwaarden uit de doorverkoop van beveks die minstens 25% van hun activa beleggen in obligaties (op de meerwaarden uit de doorverkoop van andere beveks hoeft geen roerende voorheffing betaald te worden);
  • Levensverzekeringen van tak 21 (gewaarborgd kapitaal) en bepaalde verzekeringen van tak 23 (niet-gewaarborgd kapitaal) met een duur korter dan 8 jaar.

Opgelet: dat heeft alleen betrekking op de belastingplichtigen die roerende voorheffing moeten betalen. Bepaalde categorieën van personen (niet-inwoners, internationale ambtenaren) zijn vrijgesteld van die belasting.

De spaarrekening ... wordt gespaard

Gelukkig raakt deze maatregeling niet aan de gereglementeerde spaarrekening: de interesten blijven vrijgesteld van roerende voorheffingen tot 1.880 euro per persoon (bedrag voor 2016), en de roerende voorheffing die geheven wordt op hogere bedragen, blijft staan op 15%.