HomeMijn geld beherenBrexit, drie maanden later: waar staan we?

Brexit, drie maanden later: waar staan we?

Bij het referendum van 23 juni verrasten de Britse kiezers de hele wereld met hun keuze om uit de Europese Unie te stappen. Hoe is de situatie intussen geëvolueerd?

De eerste dagen na het referendum heerste er op de markten algemene paniek. Het Britse pond kreeg zware klappen en de FTSE250 (index van de grootste Britse ondernemingen) zakte met 14%. De vooruitzichten waren heel pessimistisch. Des te meer omdat de eerste minister, David Cameron, voor zijn ontslag had laten weten dat het de bedoeling was om de brexit zo snel mogelijk officieel te maken. Een keer geactiveerd voorziet de vertrekprocedure - beschreven in artikel 50 van het Verdrag van Lissabon - slechts twee jaar om te onderhandelen over de uitstapvoorwaarden.

Terug wat meer rust?

Teresa May, de opvolgster van David Cameron, heeft de rust doen terugkeren. Ze gaf onmiddellijk aan dat ze meer tijd wilde om artikel 50 te activeren. Voor 2017 wil ze niets doen. Dat betekent al een verlenging van 6 maanden. Bekomen van de eerste schok, hebben de markten zich hersteld. De FTSE250 staat vandaag weer op het niveau van voor het referendum en het Britse pond is gestabiliseerd. De toon is minder pessimistisch, maar de onzekerheid over de toekomst blijft bestaan.

Welke scenario’s voor de toekomst?

Naast het moment waarop het Verenigd Koninkrijk (VK) officieel vraagt om uit de Europese Unie te stappen, zijn er twee mogelijke scenario’s. Beide hebben een grote impact op de commerciële relaties tussen de EU en het VK en op de positie van dat land in de rest van de wereld.

  • Ofwel wordt er geopteerd voor het ‘Noorse model’. Het VK sluit zich dan aan bij de Europese Economische Zone en blijft deelnemen aan de Europese interne markt. Het moet bijdragen tot het werkingsbudget van de EU. In dat geval hebben de Britse ondernemingen toegang tot de eengemaakte markt en kunnen ze genieten van de commerciële akkoorden en goedkopere douanerechten overeengekomen binnen de Wereldhandelsorganisatie.
  • Ofwel is de uitstap uit de EU volledig. In dat geval moet er apart onderhandeld worden over toegang tot de eengemaakte markt. Het VK moet zijn eigen bilaterale akkoorden afsluiten. Observatoren gaan ervan uit dat de verzwakte positie van het VK door zijn uitstap uit de EU de onderhandelingen moeilijker zal maken. En dat heeft een negatieve impact op de Britse in- en uitvoer.

Op dit ogenblik is het moeilijk te voorspellen welk scenario de meeste kansen heeft. Dat verklaart meteen de voorzichtigheid van de economische actoren.

Wat gaat er nu gebeuren?

Normaal gezien in eerste instantie niet veel. De Britse ondernemingen hebben hun investeringen in het VK teruggeschroefd. En de Bank of England heeft haar groeiperspectieven voor 2017 neerwaarts bijgesteld:  -0,80% in plaats van 2,30%. De Europese partners hebben aan Teresa May gevraagd om de procedure voor mei 2017 te activeren. En dat om te vermijden dat de verkiezingen voorzien in verschillende landen in 2019 de posities van de onderhandelaars harder maken. Theresa May deelde op 2 oktober mee dat de datum van vertrek van Het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie in maart 2017 zal worden aangekondigd.

En voor de Belgische belegger?

Volgens de laatste BeleggersBarometer van ING (juli 2016) is het vertrouwen van de Belgische beleggers wat gezakt. 19% van de ondervraagde beleggers hebben hun portefeuille trouwens aangepast aan de nieuwe situatie. Nu de eerste zenuwachtigheid voorbij is, lijkt de situatie op de markten weer rustiger. Maar zolang de onzekerheid over het mogelijke scenario blijft bestaan, is het moeilijk realistische voorspellingen te doen over de evolutie van het VK en de eurozone. ‘Wait and see’, zoals het spreekwoord zegt.